• xbxc1

Fenylbutazoninjectie 20%

Korte beschrijving:

Fenylbutazoninjectie 20%

Elke ml bevat:
Fenylbutazon……………………………………………………..200 mg
Hulpstoffen (ad.) ………………………………………………………….1 ml

Csnelheid:10 ml, 20 ml, 30 ml, 50 ml, 100 ml, 250 ml, 500 ml


cdsvd11 cdsvd10 cdsvd12 cdsvd13

Productdetails

Productlabels

SAMENSTELLING

Elke ml bevat:
Fenylbutazon..................................................................................................................200 mg
Hulpstoffen (ad.)........................................................................................................................1 ml

INDICATIES

(Peri-)artritis, bursitis, myositis, neuritis, tendinitis en tendovaginitis.
Geboortetrauma, impotentie van de eileiders bij stieren, spierblessures en pijnlijke verwondingen zoals kneuzingen, verstuikingen, bloedingen en luxaties bij paarden, runderen, geiten, schapen, varkens en honden.

TOEDIENING EN DOSERING

Voor intramusculaire of langzame intraveneuze toediening.

Paarden: 1-2 ml per 100 kg lichaamsgewicht.

Runderen, geiten, schapen en varkens: 1,25-2,5 ml per 100 kg lichaamsgewicht.

Honden: 0,5 ml-1 ml per 10 kg lichaamsgewicht.

CONTRA-INDICATIES

De therapeutische index van fenylbutazon is laag. Overschrijd de aangegeven dosis of behandelingsduur niet.

Niet gelijktijdig of binnen 24 uur na elkaar toedienen met andere niet-steroïde anti-inflammatoire middelen.

Niet gebruiken bij dieren met hart-, lever- of nierziekten; bij dieren waarbij er een risico is op maagzweren of bloedingen; of bij dieren met een bloedafwijking of overgevoeligheid voor het product.

BIJWERKINGEN

Niet-steroïde anti-inflammatoire geneesmiddelen kunnen fagocytose remmen. Daarom moet bij de behandeling van ontstekingsaandoeningen die gepaard gaan met bacteriële infecties, gelijktijdig passende antimicrobiële therapie worden ingezet.

Er bestaat een risico op irritatie als de injectie tijdens intraveneuze toediening per ongeluk onder de huid wordt geïnjecteerd.

In zeldzame gevallen is er sprake van collaps na intraveneuze injectie. Het product dient langzaam en over een zo lang mogelijke periode te worden toegediend. Bij de eerste tekenen van intolerantie dient de toediening van de injectie te worden gestaakt.

ONTTREKKINGSPERIODE

Voor vlees: 12 dagen.
Voor melk: 4 dagen.

OPSLAG

Bewaren beneden 25℃. Beschermen tegen licht.


  • Vorig
  • Volgende: